Interview Leontine Bibo

‘Laten we opvoeden weer meer samen doen’

Leontine Bibo is orthopedagoog, (pleeg)moeder, oma en ondernemer. Zij is initiatiefnemer van Buurtgezinnen.

Leontines ervaringen als crisis-pleegouder vormden de bron voor Buurtgezinnen. Keer op keer kreeg zij kinderen in huis, waarvan zij zich afvroeg waarom deze kinderen niet meer thuis konden wonen. Haar conclusie was dat we het samen opvoeden verleerd zijn. “Er wordt wat afgetobd achter voordeuren. Als we elkaar onderling meer helpen met het opvoeden van onze kinderen, kunnen we het ontsporen van veel gezinnen voorkomen.”

“We zijn het een beetje verleerd: aandacht geven aan een kind van een ander, in de vorm van een aai over een bol of een waarschuwing. Het zou mooi zijn als het grootbrengen van kinderen weer iets meer een aangelegenheid wordt van de samenleving. De buurkinderen opvangen als de buurvrouw de griep heeft, ingrijpen als je ziet dat een kind op straat wordt gepest door andere kinderen… Met z’n allen zorgen voor de generatie van morgen. De Stichting Buurtgezinnen is vanuit die gedachte opgericht: ‘It takes a village to raise a child.’ Ons motto is: Opvoeden doen we samen!”

De tijdgeest mee

“Veel gemeenten hebben de ideologie van Buurtgezinnen inmiddels omarmd. Maar laten we eerlijk zijn: nieuw is het niet wat we doen. Ik spreek veel volwassenen die vroeger ook een buurtgezin hadden; een gezin waar ze regelmatig meedraaiden als het thuis om wat voor reden dan ook even niet ging. Daar willen we weer wat meer naar toe met Buurtgezinnen.  Het individu is de hoeksteen van de samenleving geworden. Laat dat maar weer het gezin zijn en dat kan een gezin zijn in allerlei vormen. Wij hebben steungezinnen in alle soorten en maten; opa’s en oma’s, stellen zonder kinderen, ‘complete’ gezinnen en ook de afkomst of levensovertuiging verschilt. We hebben de tijdgeest mee; heel veel mensen zijn dat ieder voor zich beu en zoeken naar verbinding met anderen. Veel ouders willen ook graag aan hun kinderen meegeven dat het belangrijk is dat je een ander helpt als het met jou goed gaat. Dit zijn de ouders die zich aanmelden bij Buurtgezinnen.”

Het ideale steungezin

“Het ideale steungezin bestaat niet. Ieder huisje heeft zijn kruisje. Dat kan trouwens heel relativerend werken voor ouders die het zwaar hebben; dat ze zien dat het er in een steungezin af en toe ook hectisch aan toe kan gaan. De eisen die we stellen zijn niet zo ingewikkeld. Houd je van kinderen en heb je ervaring met het opvoeden van kinderen? Ben je graag een ander tot steun? En oordeel je niet te snel over het gedrag van een ander? Dan kom je in aanmerking als steungezin voor Buurtgezinnen. En je moet er natuurlijk wel tijd voor hebben. Het moet passen in je leven. Met het oog op de veiligheid van de kinderen heb je ook een VOG (Verklaring Omtrent Gedrag) nodig.”

Buurtgezinnen versus pleegzorg

“Buurtgezinnen vindt het belangrijk dat kinderen zo veel mogelijk bij eigen ouders opgroeien. Dat is vrijwel altijd de beste plek voor kinderen. Door gezinnen die het zwaar hebben te laten ondersteunen door een ander gezin, haal je de druk van de ketel. De stress neemt af en problemen escaleren niet verder. Zo voorkom je dat problemen steeds groter worden, gezinnen ontsporen en kinderen in de pleegzorg terechtkomen. Als er in iedere gemeente steungezinnen beschikbaar zijn voor gezinnen die het zwaar hebben, hebben we uiteindelijk in Nederland veel minder pleeggezinnen nodig. Verder valt mij op dat heel veel gezinnen die zich bij Buurtgezinnen aanmelden als steungezin, ooit pleegzorg hebben overwogen, maar dat te ingrijpend vinden. De formele toestanden erom heen schrikken af. Buurtgezinnen is een haalbaar alternatief; een lightversie.”

Toekomst

“Voor 2020 was de doelstelling: uitbreiden naar 60 gemeenten. Op 1 maart beginnen we al in onze 59ste gemeente. Toch maken we bij 60 gemeenten pas op de plaats. We willen de groei wel kunnen bolwerken. Nieuwe collega’s moeten goed worden ingewerkt en om kwaliteit te kunnen bieden, moeten we onze backoffice versterken. Daar denken we nu over na. Als het goed is, is er na 2020 weer ruimte voor verdere uitbreiding. In de toekomst zouden we wel wat meer voet aan de grond willen krijgen in de noordelijke provincies. Dat is nog een beetje onontgonnen gebied voor Buurtgezinnen.”